Onderwerp en persoonsvorm

Een zin heeft twee belangrijke delen

Bijna elke zin heeft:

  • een persoonsvorm: het werkwoord dat verandert
  • een onderwerp: wie of wat iets doet
ZinOnderwerpPersoonsvorm
Bilal tekent op het bord.Bilaltekent
Wij lopen naar het station.Wijlopen
De jongen speelt buiten.De jongenspeelt

Stap 1: zoek de persoonsvorm

De persoonsvorm is een werkwoord. Het is het werkwoord dat verandert als de persoon verandert. Dat ken je al van werkwoorden vervoegen: ik werk, jij werkt, wij werken. Er staat maar één persoonsvorm in een gewone zin.

Met deze twee trucjes vind je hem:

Trucje 1: verander de persoon
Maak van één persoon meer personen (of omgekeerd). Welk woord verandert mee? Dat is de persoonsvorm.

Hij speelt buiten. → Zij spelen buiten.
speelt wordt spelen → speelt is de persoonsvorm.

Trucje 2: maak er een vraag van
Maak van de zin een ja/nee-vraag. Het woord dat vooraan komt, is de persoonsvorm.

Jij leest een boek. → Lees jij een boek?
lees komt vooraan → leest is de persoonsvorm

Let op: twee werkwoorden in één zin

Soms staan er twee werkwoorden in een zin. Maar er is maar één persoonsvorm!

Ik wil voetballen.

  • Maak er een vraag van: Wil jij voetballen?
  • wil komt vooraan → wil is de persoonsvorm.
  • voetballen blijft hetzelfde → dat is geen persoonsvorm.

Stap 2: zoek het onderwerp

Het onderwerp is de persoon, het dier of het ding dat iets doet of is.

Trucje: stel de vraag “Wie of wat + persoonsvorm?”
Het antwoord is het onderwerp.

Deniz draagt een rode trui.

  • Wie draagt? → Deniz
  • Het onderwerp is Deniz

Het vuur brandt fel.

  • Wat brandt? → Het vuur
  • Het onderwerp is het vuur

Let op: het onderwerp kan uit meer woorden bestaan

De leerlingen van OKAN zijn braaf.

  • Wie zijn braaf? → De leerlingen van OKAN

Vadym en Elenda lezen in een boek.

  • Wie lezen? → Vadym en Elenda

Let op: het onderwerp staat niet altijd vooraan

Morgen ga ik naar school.

  • Wie gaat? → ik

Speel jij graag voetbal?

  • Wie speelt? → jij

Zo vind je onderwerp en persoonsvorm in 3 stappen:

  1. Zoek de persoonsvorm: verander de persoon of maak er een vraag van.
  2. Vraag: Wie of wat + persoonsvorm?
  3. Het antwoord is het onderwerp.

Binnenkort meer

Binnenkort meer

Binnenkort meer

Binnenkort meer

Binnenkort meer

Binnenkort meer

More Articles & Posts

Ontdek meer van

Abonneer u nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder